Vraag 40: Hoe belangrijk is de eerste zin van een boek en welk goed voorbeeld ken je?

Standaard

Ik las vraag 40 en dacht, ik weet precies welk boek een geweldig voorbeeld zou zijn, ik las het in 2006, het boek maakte indruk op mij, het was het debuut van een Catalaanse schrijver en hoe bizar het boek ook was, die eerste (twee) zinnen maakte zoveel indruk op mij dat ik het nu 8 jaar later nog woord voor woord kan herhalen.

Albert Sánchez Piñol, Nachtlicht, Victus

 Nachtlicht (La pell freda) | Albert Sánchez Piñol | Jaar van uitgifte origineel 2002, vertaling 2006

Eerste (en tweede) zin uit Nachtlicht (La pell freda, uitgebracht in 2002, vertaald in het NL in 2006):

We staan nooit zo ver af van degenen die we haten. Alleen al daarom komen we nooit echt nader tot degenen die we liefhebben.

De schrijver, het boek en de lezer

Nachtlicht is het debuut van de Catalaanse schrijver en antropoloog Albert Sánchez Piñol (1965), en wat voor een literair debuut, Nachtlicht, of liever gezegd La pell freda is ondertussen vertaald in maar liefst 37 talen.

Die eerste 2 zinnen kenmerken het boek, het boek staat vol met dit soort uitspraken, en juist dát tilt dit boek naar het volgende level. Naast deze uitspraken staat het boek ook vol met details, details waarvan ik soms denk, laat maar, dit hoef ik niet te weten Sánchez Piñol, too much information, maar aan de andere kant lijkt dat nu, 9 jaar later, een handelsmerk van hem te zijn want ook Victus, de val van Barcelona, staat vol met details, elke stap, elke zucht van het hoofdpersonage wordt benoemd, met uitgebreide omschrijvingen van de omgeving, zijn gemoedstoestand en dit alles is bijzonder te noemen omdat beide boeken in de ik-vorm zijn geschreven. Wat ik bedoel te zeggen: in de ik-vorm is de hoofdpersoon aan het woord en als deze dan ook nog alle details vermeld dan zou dat een beetje too much kunnen worden en op dát randje balanceert de schrijver, voor mij nog net aan de juiste kant en eigenlijk vind ik dat stiekem best leuk aan Albert Sánchez Piñol, hij heeft het lef om tot het uiterste te gaan in zijn boeken.

In 2006 hoorde ik over Nachtlicht en de reden waarom ik het wilde lezen was omdat het zich rond Antarctica afspeelt. Aangezien ik een mateloze fascinatie voor Antarctica heb en alles hierover lees was het logisch dat ik dit boek kocht. Ik las het boek, moest even wennen aan de schrijfstijl en ondanks dat ik niet van het genre mysterie houd, want daar neigt Nachtlicht naar, vond ik het een geweldig boek. Het was pas in juli van dit jaar dat ik mij realiseerde dat deze schrijver een nieuw boek had geschreven (In het hart van het oerwoud had ik totaal gemist in 2007): Victus, de val van Barcelona. Het boek waar ik al mijn eerste indruk over schreef (klik) en waar ik over 2 weken een tweede indruk artikel over schrijf, een boek waar ik enorm van geniet, door de setting, het taalgebruik en de werkelijkheid die aan het boek ten grondslag ligt.

Resumerend kan ik concluderen: ja de eerste zin van een boek is belangrijk, behalve dat het de toon van het boek kan zetten kan het ook een basis leggen van een band tussen de schrijver en de lezer. Had ik Nachtlicht niet gelezen in 2006, dan had ik Victus, de val van Barcelona, nooit ontdekt, ondanks dat ik een groot liefhebber van historische literatuur ben. Deze week heb ik Nachtlicht herlezen, ik doe dat zelden maar voor deze bijdrage aan #50books deed ik het graag, om nog één keer de magie van het boek te voelen; deze Catalaanse schrijver tovert met woorden, vormt ze tot zinnen, vormt ze tot rare wezens en exact dát is wat dit boek een ijzersterk debuut maakt. Literatuur zoals literatuur bedoeld is. Ik heb deze week een recensie van Nachtlicht geplaatst op Goodreads (klik).

Welke eerste zin uit welk boek is jou het meeste bij gebleven?

 

Sandra

 

Deze #50books tag is afkomstig van Peter van Petepel, lees hier wat mijn collega bloggers over vraag 40 verteld hebben: (klik).

Advertenties

3 gedachtes over “Vraag 40: Hoe belangrijk is de eerste zin van een boek en welk goed voorbeeld ken je?

  1. Hoi Sandra, de mooiste openingszin ooit moet toch die uit “Pride and prejudice” van Jane Austen zijn. “It’s a truth universally acknowledged, that a man in posession of a fortune must be in want of a wife”. Het boek zelf is overigens ook erg goed. Een andere erg mooie is die van “Anna Karenina” van Tosltoj “Alle gelukkige gezinnen zijn op de zelfde manier gelukkig, terwijl ieder ongelukkig gezin op zijn eigen wijze ongelukkig is”
    Groetjes, Erik

    Liked by 1 persoon

Reacties zijn gesloten.